Nieuws Bot- en wekedelenkanker

Studie naar zeldzame kanker EHE met wereldwijde participatie via facebook

Studie naar zeldzame kanker EHE met wereldwijde participatie via facebook

Een derde van de patiënten met epitheloïd hemangio-endothelioom (EHE), een uiterst zeldzame vorm van wekedelenkanker, ervaart een hoge symptoomlast met een significante impact op hun gezondheidsgerelateerde kwaliteit van leven en psychisch welbevinden. Dat is de uitkomst van een bijzondere studie van Marije Weidema (Radboudumc) en collega’s, waaraan patiënten uit twintig landen deelnamen uitgenodigd via facebook.

lees verder

Juiste expertise ontbreekt vaak nog bij behandeling bot- & wekedelenkanker

Juiste expertise ontbreekt vaak nog bij behandeling bot- & wekedelenkanker

Bij de behandeling van kanker van de weke delen is verbetering nodig: bij een op de drie patiënten is niet de juiste expertise betrokken bij de behandeling. Dit blijkt uit het rapport ‘Sarcomenzorg in Nederland’ dat Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL) in juni in samenwerking met experts en patiënten uitbracht. 

lees verder

Behandel dermatofibrosarcoma protuberans (DFSP) met Mohs-microchirurgie

Behandel dermatofibrosarcoma protuberans (DFSP) met Mohs-microchirurgie

Het percentage incomplete excisies is hoog (51%) bij patiënten met dermatofibrosarcoma protuberans (DFSP) in Nederland. Ook het aandeel patiënten dat na chirurgische behandeling te maken krijgt met recidieven (10%) is klinisch relevant. Die conclusies trekken Lotte van Lee (Erasmus MC) en collega’s op basis van gegevens uit de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) en het pathologisch anatomisch landelijk geautomatiseerd archief (PALGA). Om het aantal recidieven te verminderen, adviseren de onderzoekers de Europese richtlijn te volgen door patiënten vaker te behandelen met Mohs-microchirurgie.

lees verder

Studie naar relevantie histologische subtypen op prognose appendixcarcinoom

Pathologisch onderzoek

Bij patiënten met een locoregionaal of niet naar het buikvlies gemetastaseerd appendixadenocarcinoom heeft het histologisch subtype van de tumor géén invloed op de prognose. Echter, bij patiënten met peritoneale metastasen is het mucineus subtype wél een gunstige prognostische factor ten opzichte van patiënten met het een niet-mucineus adenocarcinoom. Dat blijkt uit onderzoek van Laura Legué (Catharina Ziekenhuis, Eindhoven & IKNL) en collega’s. Deze uitkomsten bevestigen dat mucineuze en niet-mucineuze adenocarcinomen in de appendix verschillend zijn als het gaat om prognose en behandelmogelijkheden.

lees verder

DNA-methylatiestudie identificeert vier verschillende angiosarcoomclusters

Met een DNA-methylatieprofileringsstudie is het bestaan aangetoond van vier verschillende angiosarcoomclusters. Deze clusters correleren met klinisch subtype, prognose voor patiënten en chromosomale (in)stabiliteit, en ondersteunen de hypothese dat angiosarcoomheterogeniteit inderdaad aanwezig is op biologisch niveau. Het onderzoek is uitgevoerd door Marije Weidema (Radboudumc) en collega’s en gepubliceerd in Clinical Cancer Research. Aanvullend onderzoek kan bijdragen aan een meer specifieke classificatie en mogelijk nieuwe behandelopties die beter zijn afgestemd op individuele patiënten met een angiosarcoom.

lees verder

Betere overleving van hooggradige, diepgelegen wekedelensarcomen na chirurgie hoog-volume-centra

Patiënten met wekedelensarcomen die behandeld zijn in ziekenhuizen met een hoog chirurgisch behandelvolume blijken, als het gaat om hooggradige en diepgelegen tumoren, een betere 10-jaarsoverleving te hebben vergeleken met patiënten die behandeld zijn in ziekenhuizen met een laag of gemiddeld volume. Dat concluderen Melissa Vos (Erasmus MC) en collega’s in een studie in de European Journal of Cancer. De onderzoekers pleiten daarom voor centralisatie van deze zorg in multidisciplinaire expertisecentra en het opstellen van striktere verwijzingsrichtlijnen voor patiënten op verdenking van of met een bevestigd wekedelensarcoom.

lees verder

Incidentie, resultaten en prognose van 25 jaar behandeling chondrosarcomen

De incidentie van het chondrosarcoom is tussen 1989 en 2013 toegenomen van 2,9 naar 8,8 per één miljoen inwoners. Dat blijkt uit onderzoek van Veroniek van Praag (LUMC) en collega’s met gegevens uit de Nederlandse Kankerregistratie. Er is vooral een toename in laaggradige tumoren, mogelijk door de introductie van nieuwe, beeldvormende technieken en vergrijzing van de bevolking. Synchroon met de gestegen incidentie nam het aantal curettages toe, maar het veronderstelde preventieve effect van deze behandeling op het aandeel hooggradige tumoren bleef achterwege. Aanvullend onderzoek blijft nodig naar de bijwerkingen en potentiële voordelen van curettages.

lees verder

Minimale toename overleving patiënten met gemetastaseerd wekedelensarcoom

Ondanks de introductie van nieuwe behandelopties is er tussen 1989 – 2014 geen significante verbetering opgetreden in de algehele overleving van patiënten met wekedelensarcoom met synchrone metastasen. Die conclusie staat te lezen in een publicatie van Melissa Vos (Erasmus MC) en collega’s in The Oncologist. Ook nieuwe geneesmiddelen zoals trabectedin (2007) en pazopanib (2012) hebben tijdens de onderzoeksperiode slechts geleid tot een minimale en niet-significante verbetering van de algehele overleving, hoe waardevol deze ook kan zijn voor individuele patiënten. Opmerkelijk is dat patiënten die een combinatie van chirurgie en radiotherapie kregen de meest gunstige mediane algehele overleving hadden van 19,9 maanden.

lees verder